VLAREM-trein 2013 – niet-energiegerelateerde zaken (met SERV en SALV)

Advies Klassiek milieubeleid

Samenvatting

Adviesdatum
20 feb 2014
Productnummer
2014-006

In dit deeladvies betreffende de "VLAREM trein 2013" gingen de Minaraad, de SERV en de SALV, in de eerste plaats dieper in op het gegeven dat BBT het referentiekader hoort te zijn voor het vaststellen van vergunningsvoorwaarden, en dat er een adequate onderbouwing nodig in geval het Vlaamse Gewest toch nog strengere normen wil opleggen dan wat op hoger (bv. Europees) niveau wordt vastgelegd.

De Raden wezen er op dat de omzetting van de CLP-verordening (gevaarlijke stoffen) een breed maatschappelijk draagvlak vereist. In de verdere stappen van de omzetting is dan ook een brede informatiecampagne wenselijk. De Raden vroegen overigens of onderzocht is geworden in hoeverre drempelverhoging zou kunnen leiden tot een grotere concentratie van de opslag en of dit een verhoogd risico met zich zou kunnen meebrengen.

De Raden begrepen, omwille van de ‘fijn stof’-problematiek in Vlaanderen, het belang van bijkomende bepalingen inzake houtverbranding en verbranding in open lucht, maar hadden wel vragen bij de controleerbaarheid en de handhaafbaarheid van sommige nieuwe productbepalingen.

De Raden stelden vast dat de erkenningsregeling van MER-coördinator als een verrassing gekomen is voor de sector, ondanks het feit dat de juridische grondslag hiertoe van 2002 dateert: dit komt omdat er geen voorafgaand overleg is geweest. De Raden vragen dan ook bijkomend overleg en een voorafgaandelijke evaluatie van de m.e.r.-praktijk en -regelgeving.

Inzake de wijziging van de lozingsvoorschriften vragen de Raden of de beslissing over een IBA-verplichting in “collectief te optimaliseren buitengebied” niet kan overgelaten worden aan de lokale riool- en waterbeheerders.

Downloads

VLAREM-trein 2013 – niet-energiegerelateerde zaken

Download application/pdf 104.0 KB