01 dec Elektronische nieuwsbrief 2009|9
Vastgestelde adviezen
Programmadecreten begroting 2009 & 2010
De Minaraad kon zich in belangrijke mate verenigen met de afzonderlijke voorstellen die in de twee ontwerpen van programmadecreet vervat zitten. Zo schaarde de Raad zich bij het decreet ter begeleiding van de begroting 2009 achter:
- de geboden oplossing voor de gemeenten die een grensoverschrijdende leasingoperatie aangingen om hun rioolstelsel te kunnen financieren en door de kredietcrisis in de problemen gekomen zijn;
- het herdopen van het 'Fonds voor Landinrichting' tot het 'Fonds voor Landinrichting en Natuurlijke Rijkdommen';
- het overmaken van de heffingsmiddelen die niet gebruikt worden voor het beheer van het huishoudelijk verpakkingsafval aan het Minafonds.
Bij het ontwerpdecreet tot begeleiding van de begroting 2010 kon de Raad zich ook verenigen met:
- de wijzigingen aan de afvalstoffenheffingen, ook al betreurde de Raad dat de afbouw van de verlaagde heffingen voor het storten/verbranden van recyclageresidu's laattijdig gebeurt;
- de ingrepen in de heffingen op het lozen van afvalwater;
- de waarborgstelling die doorgevoerd wordt in het kader van het Fonds ter reductie van de globale energiekost;
- het veralgemenen van de debietmeting en het gradueel verhogen van de grondwaterheffing, gedifferentieerd naargelang de kwetsbaarheid van de watervoerende laag. De Minaraad pleitte er voor om het groeipad voor deze heffingen aan te houden, en een tussentijdse evaluatie door te voeren in 2014.
De Minaraad vroeg ook om de snelle opmaak van de aangekondigde visie over de totale financiering van het gemeentelijk rioolbeheer. Hierin moet verduidelijkt worden welk groeipad de saneringsbijdragen zullen volgen in het licht van de doelstellingen van de Kaderrichtlijn water, van degelijk bouwkundig beheer van de gemeentelijke riolen en met een onderbouwde inachtname van sociale en economische effecten.
Voor de wijzigingen aan de heffingen op watervang ging de Minaraad voor een nog meer progressieve tarifering dan nu doorgevoerd zou worden.
In het algemeen stelde de Raad vast dat de Vlaamse Regering gebruik maakt van programmadecreten om wijzigingen door te voeren aan heffingen op milieuverstorende handelingen. Doordat deze decreten met dringende spoed behandeld moeten worden, is de Raad niet in staat om een diepgaand maatschappelijk debat te voeren over de voorgestelde hervormingen.
De Minaraad keurde het advies goed op 12 november 2009. De SERV-partners onthielden zich.
VN-Klimaattop van Kopenhagen
Het Vlaams Parlement heeft de Minaraad om advies gevraagd over de rol die Vlaanderen kan spelen tijdens de Klimaattop in Kopenhagen. In zijn unanieme advies beveelt de Raad de Vlaamse onderhandelaars aan om in Kopenhagen te pleiten voor het wettelijk verankeren van de 2° C–doelstelling in een nieuw klimaatprotocol. Om tegemoet te komen aan deze doelstelling is het voor de Minaraad noodzakelijk om te komen tot een mondiaal CO2-emissiebudget dat loopt tot in 2050.
Het globaal budget moet vervolgens vertaald worden naar nationale en/of sectorale budgetten en reductiepaden. Deze reductiepaden worden bij voorkeur gekoppeld aan relevante mijlpalen (bv. 2020, 2050). Om het mondiale emissiebudget voor de gehele periode tot 2050 te kunnen respecteren, is het immers noodzakelijk dat de globale emissies op een bepaald moment zullen "pieken" en vervolgens zullen beginnen dalen.
Voor de Raad is het duidelijk dat hoe langer het bereiken van de CO2-piek uitgesteld wordt, hoe ingrijpender de inspanningen en hoger de kosten zullen zijn om, na het behalen van die piek, de 2° C-doelstelling nog te kunnen halen. Daarom hoopt de Raad dat de internationale gemeenschap zo snel mogelijk op het reductiepad komt.
De Minaraad keurde het advies unaniem goed op 26 november 2009.
Beleidsnota Leefmilieu en Natuur 2009-2014
De Beleidsnota Leefmilieu en Natuur geeft aan hoe de bevoegde minister de afspraken uit het regeerakkoord zal realiseren in de loop van de legislatuur. De nota bouwt inhoudelijk verder op het project Vlaanderen in actie en het Pact 2020. De Minaraad stelt vast dat het algemene ambitieniveau van de beleidsnota hoog ligt, terwijl de operationele doelstellingen vooral mikken op de continuïteit van het beleid.
De Raad gaat uitgebreid in op de strategische en operationele doelstellingen per beleidsthema, maar geeft ook enkele algemene aanbevelingen mee. Zo vraagt de Raad:
- het juiste ambitieniveau vanuit een langetermijnvisie te vertalen in de nodige operationele doelstellingen en in de tussendoelstellingen die de regering moet halen tegen het einde van de legislatuur;
- niet alleen rekening te houden met het Europese beleid maar ook met de ernst van de milieuproblemen in Vlaanderen;
- verder te werken aan een methode om te komen tot een correcte omzetting en toepassing van het Europese beleid;
- een degelijke en realistische milieubeleidsplanning af te stemmen met de andere Vlaamse planningssystemen;
- verder te werken aan een methode voor de vertaling van het volledige regeerakkoord in verschillende beleidsnota's en de onderlinge afstemming tussen die nota's;
- verder te werken aan mechanismen die omgaan met de tijdsfactor bij de horizontale en verticale afstemming tussen planningsinstrumenten;
- de beleidsnota's goed af te stemmen op een degelijke meerjarenbegroting;
- rekening te houden met de actualisatie van de milieubeleidsdoelstellingen bij de opmaak van het vierde milieubeleidsplan (MBP) en het nieuwe MBP af te stemmen op de internationale en Europese informatiesystemen en beleidskaders;
- het onderscheid tussen strategische en operationele te verbeteren en de operationele doelstellingen te formuleren volgens het SMART-prinicipe;
- de verbanden te verduidelijken tussen de doelstellingen onderling en tussen de doelstellingen en de regelgevingsagenda;
- een Europese implementatieagenda op te stellen.
De Minaraad keurde het advies unaniem goed op 26 november 2009.
Aanpassing CHZ-kaai voorhaven Zeebrugge
Aan de oostkaai van het westelijk schiereiland van de voorhaven van Zeebrugge wil men de kaaimuur van de containerterminal (CHZ) renoveren zodat schepen met een grote diepgang kunnen aanmeren over de hele kaailengte van de bestaande terminal. De Minaraad heeft de decretale opdracht om de milieutechnische kant te belichten van projecten die meer dan 10 miljoen euro kosten.
De Raad herhaalt in eerste instantie zijn pleidooi voor het ontwikkelen van een langetermijnvisie voor het Vlaamse havenbeleid als kader voor de onderlinge afstemming van de aparte havenplannen. Hij wijst er ook op dat de Maatschappelijke Kosten-Baten Analyse (MKBA) voorgesteld wordt als een instrument van vergelijking, terwijl het enkel dient om een drempel te bepalen.
De Minaraad verwacht geen aanzienlijke milieueffecten, maar maakt opmerkingen bij de mogelijke geluidshinder en hinder door trillingen tijdens de heiwerken. De Raad vraagt ook dat de haven van Zeebrugge inspanningen zou leveren om de voorzieningen voor walstroom te installeren en om zwavelarme brandstof beschikbaar te hebben tegen 2010 wanneer het gebruik ervan opgelegd wordt voor aangemeerde schepen.
Als de overheid een zeeweringsproject voor de kust ontwikkelt, vraagt de Raad om daarbij rekening te houden met de mogelijkheden die zich zo aanbieden voor de estuaire vaart.
Ten slotte stelt de Raad nog voor om tijdens de werken een centraal klachtenmeldpunt te organiseren voor het melden van hinder. De Raad vraagt ook om de informatie over het project in de nabijgelegen gemeenten te verspreiden.
De Minaraad keurde het advies unaniem goed op 26 november 2009.
Consensusvoorstel jacht in WBE Vogelsanck
De Minaraad adviseert positief over het consensusvoorstel voor de jacht in het vogelrijk gebied WBE Vogelsanck. Naast enkele procedurele bemerkingen, formuleert de Raad ook enkele inhoudelijke punten. De Raad vindt het positief dat er in het voorstel uitgegaan wordt van het gegeven dat het Vijvergebied Midden-Limburg zeer belangrijk is voor de krakeend en de slobeend. Inhoudelijk stelt de Raad vast dat er sprake is van uitgestrekte rustzones, maar aan de hand van de in het voorstel vervatte gegevens kan de Raad de draagwijdte van deze rustzones in verhouding tot de huidige rustzones of in verhouding tot het vogelrijk gebied niet concreet inschatten. Dit had duidelijker gemoeten. Wat de beperkingen in de tijd betreft, lijkt het er op dat er niet veel van de normale jachtopeningstijden afgeweken wordt, maar er wordt gestreefd naar afspraken om de frequentie of het verstorende karakter van de jachtactiviteit te verminderen. De Minaraad vraagt om werk te maken van een gedegen monitoring van de effecten van dit consensusvoorstel. Eenmaal de instandhoudingsdoelstellingen voor het Vogelrichtlijngebied zijn vastgesteld, moet er, indien nodig, een aanpassing doorgevoerd worden. Meer algemeen roept de Minaraad ertoe op om de rechtsfiguur van het "consensusvoorstel voor vogelrijke gebieden" procedureel te harmoniseren met het wildbeheersplan van de wildbeheereenheden.
Om verstoring tegen te gaan, kiezen de betrokkenen voor een combinatie van jachtbeperkingen in de tijd met een onderverdeling in zones. De Raad kan zich vinden in dit principe. Het voorstel bevat evenwel ook afspraken over beperkingen inzake de jachtwijze. Ook dit is positief, maar de Raad vraagt zich af of deze aanpak niet kan toegepast worden voor alle bejaagde dieren.
De Minaraad keurde het briefadvies unaniem goed op 26 november 2009.
Adviezen in wording
Erkenning bosgroepen Antwerpen Noord & Limburgse duinen
Het Agentschap voor Natuur en Bos (ANB) vroeg de Minaraad op 10 november 2009 om advies over de evaluatieverslagen van ANB ter definitieve erkenning van de bosgroepen Antwerpen Noord en Limburgse duinen voor de periode 2010-2015. De adviestermijn bedraagt twee maanden. De Raad bereidt een advies voor tegen de raadszitting van 17 december 2009.
Koudebruggenbesluit
Op 10 november 2009 ontving de Minaraad een adviesvraag van de Vlaamse minister van Energie, Wonen, Steden en Sociale economie over het ontwerp van besluit dat de bestaande berekeningsmethode voor koudebruggen vervangt in de energieprestatieregelgeving. Wegens technische moeilijkheden werd de bestaande berekeningsmethode voor koudebruggen tot nu toe niet toegepast. Met de nieuwe berekeningsmethode moet het mogelijk zijn om de “EPB-aanvaarde bouwknopen” in om het even welk gebouw te analyseren. De adviestermijn bedraagt een maand, maar de Minaraad kreeg uitstel tot de raadszitting van 17 december 2009. De Raad bereidt een gezamenlijk advies voor met de SERV.
Actieplannen omgevingslawaai
De Vlaamse minister van Leefmilieu, Natuur en Cultuur vroeg de Minaraad op 10 november 2009 om advies over de voorontwerpen van actieplannen om omgevingslawaai te beheersen. Het betreft de omzetting van de Europese Richtlijn 2002/49/EG die zich richt op het geluid van autowegen, spoorwegen, luchthavens en belangrijke industriële activiteiten binnen grote agglomeraties. Mogelijke overlast door andere bronnen zoals horeca en buren vallen in principe buiten het toepassingsgebied van de richtlijn. De Minaraad bereidt een advies voor tegen de raadszitting van 28 januari 2010.
Niet-consensusvoorstel jacht in WBE Talingbeke
Het Jachtvoorwaardenbesluit bepaalt dat jagen in vogelrijke gebieden verboden is tijdens het jachtseizoen. Dit verbod geldt zolang de wildbeheereenheden (WBE) of jachtrechthouders geen consensusvoorstel met de plaatselijke reservaatbeheerders en de lokale landbouworganisaties kunnen voorleggen om de verstoring van de populaties watervogels te vermijden. Bovendien moet dit voorstel ook nog de goedkeuring krijgen van de bevoegde minister. Een consensusvoorstel moet aanvaardbare afspraken bevatten over de concentratie van de jacht in tijd en ruimte en de intensiteit ervan. De Minaraad wordt gevraagd om de verenigbaarheid met de goede staat van de instandhouding van de te beschermen vogelsoorten te adviseren.
Op 20 november 2009 ontving de Minaraad een adviesvraag van de Vlaamse minister van Leefmilieu, Natuur en Cultuur over het niet-consensusvoorstel voor de jacht in het vogelrijk gebied WBE Talingbeke. De Raad bereidt een advies voor tegen de raadszitting van 17 december 2009.
Mededelingen
Hoorzitting Klimaattop Kopenhagen
Ter voorbereiding van het advies over de VN-Klimaattop in Kopenhagen organiseerde de Minaraad een hoorzitting over deze top. Daarbij werd de klemtoon gelegd op de verwezenlijkingen van het Kyotoprotocol, de verschillende verwachtingen ten aanzien van de VN-Top in Kopenhagen en de knelpunten. De presentaties van Caroline Depuydt (Vlaamse onderhandelaar voor het dept. LNE) en prof.dr. Hans Bruyninckx (KUL) staan ondertussen online. De kernelementen van de hoorzitting zitten verwerkt in het advies over de Klimaattop in Kopenhagen.
Vacature
De Minaraad is op zoek naar een contractuele raadgever (m/v) om de projecten van de adviesraad inhoudelijk, organisatorisch en procesmatig te ondersteunen. Klik op vacature voor meer details.
Europese ontwikkelingen
Energie-efficiëntie van vliegtuigen amper gestegen sinds 2000
De energie-efficiëntie van de vliegtuigen die het laatste decennium in productie gingen is amper gestegen ondanks de hoge olieprijs. Tot deze bevinding komt de International Council on Clean Transportation (ICCT) in zijn recentste rapport.
Onderzoekers hebben de brandstofconsumptie van vliegtuigen in beeld gebracht, die de voorbije 50 jaar op de markt gebracht werden. De ICCT stelde daarbij vast dat efficientiewinst in de jaren '90 terugviel. Sinds het jaar 2000 nam de efficiëntie jaarlijks met slechts 0,29% per ton/km toe voor passagiers- en vrachtvervoer samen. De efficiëntie berekend op basis van het aantal zitjes/km bleef in dezelfde periode gelijk. De ICCT zag daarbij een duidelijke correlatie tussen de afname van energie-efficiënte verbeteringen aan de vliegtuigen en de aanzienlijke daling van introducties van nieuwe vliegtuigmodellen. Hieruit kan geconcludeerd worden dat nieuwe ontwerpen de drijvende kracht achter de energiebesparingen zijn en niet het stijgen van de olieprijzen.
De ICCT doet daarom een oproep om koolstofemissienormen in te voeren voor de productie van nieuwe en bestaande vliegtuigmodellen. De International Civil Aviation Organisation (ICAO) wil dit echter enkel invoeren voor nieuwe modellen, maar dit zou de fabrikanten dan weer kunnen aansporen om de lancering van energie-efficiënte toestellen uit te stellen, vindt de ICCT. Daarnaast lanceerden de ICAO-leden ook een initiatief om de ontwikkeling van alternatieven brandstoffen voor de sector te bevorderen. De organisatie voorziet dat binnen tien jaar 10% van de gebruikte brandstoffen in de luchtvaartsector afkomstig zal zijn van hernieuwbare energiebronnen.
