Spring door naar de eigenlijke inhoud

Sitemap Contact Bibliotheek





U bent hier: Home Nieuwsbrieven 2009 Elektronische nieuwsbrief 2009|10
Document acties

21 dec Elektronische nieuwsbrief 2009|10

Vastgestelde adviezen

Koudebruggenbesluit

De Vlaamse Regering wil koudebruggen definitief integreren in de berekening van het energieprestatieniveau van gebouwen om de energieprestatie beter te laten aansluiten bij de werkelijke energieprestaties van gebouwen. De SERV en Minaraad ondersteunen de inrekening van koudebruggen in de EPB-berekeningsmethodiek. Dat kan namelijk een stimulans vormen om koudebruggen en de daarmee samenhangende energieverliezen en condensatieproblemen aan te pakken.

De Raden vinden de voorgestelde aanpak van de aanvaarde bouwknopen veelbelovend, maar de uitwerking staat nog niet volledig op punt en is onvoldoende getest. De Raden stellen dat de voorgestelde regeling hierdoor niet in werking kan treden op 1/1/2010 en dat er een overgangsregeling nodig is met wellicht een uitstel van 6 maanden om de regeling verder uit te werken en met een proefperiode om de nieuwe bouwknopenaanpak in de praktijk uit te testen.

De Raden vragen meer aandacht voor sensibilisering en vinden dat de inrekening van koudebruggen in de EPB-methodiek moet passen in een algemeen beleid om koudebruggen op een effectieve en efficiënte wijze aan te pakken. Daarin moet de informatieverspreiding aan alle bouwpartners een belangrijk element vormen. In dat opzicht lijkt het belangrijk dat de piste van de koudebrugatlas als informatief instrument behouden wordt voor op zijn minst de residentiële gebouwen.

Ten slotte wijzen de Raden op enkele pijnpunten zoals de te late timing van de EPB-berekeningen, de onduidelijke afbakening van de verantwoordelijkheden tussen de bouwpartners en de manier waarom met de EPB-software 'gespeeld' kan worden. Deze pijnpunten worden bij voorkeur opnieuw bekeken bij de volgende evaluatie van de EPB-regelgeving.

De Minaraad keurde het gezamenlijke advies goed op 17 december 2009. De SERV volgde op 18 december 2009.


Definitieve erkenning bosgroep Antwerpen Noord

Bosgroepen zijn duurzame samenwerkingsverbanden tussen bosbeheerders binnen een bepaald gebied om een rationeler bosbeheer mogelijk te maken. Bij de voorlopige en definitieve erkenning van die bosgroepen wordt de Minaraad om advies gevraagd. De Raad baseert zich daartoe op het evaluatieverslag van het Agentschap voor Natuur en Bos (ANB). Hij gaat in op de globale werking en controleert of de doelstellingen van het Bosdecreet nagekomen worden.

De Minaraad kan zich scharen achter de definitieve erkenning van de Bosgroep Antwerpen Noord, maar ook achter de aanbevelingen van het ANB. Deze hebben te maken met (1) de beheersbaarheid van de groei, (2) de efficiënte inzet van de beschikbare arbeiders in functie van de juiste prioriteiten en (3) het in rekening nemen van de instandhoudingsdoelstellingen, eenmaal deze vastgesteld zijn.
Op basis van de beschikbare stukken meent de Raad dat er in de toekomst meer aandacht moet besteed worden aan de publieke functies van het bos, zoals de ecologische en de sociale functie.

De Minaraad heeft in dit dossier dankbaar gebruik gemaakt van het verslag van het ANB, maar is desalniettemin van oordeel dat deze verslaggeving voor verbetering vatbaar is. De verslaggevers kunnen zich: (1) op een duidelijker manier oriënteren op de doelstellingen van artikel 41bis van het Bosdecreet; (2) meer toespitsen op een vergelijking tussen de bij de voorlopige erkenning vooropgestelde doelen en voornemens enerzijds en anderzijds de effectieve realisaties.

De Minaraad keurde het advies unaniem goed op 17 december 2009.


Definitieve erkenning bosgroep Limburgse Duinen

De Minaraad kan zich scharen achter de definitieve erkenning van de Bosgroep Limburgse Duinen, maar ook achter de aanbevelingen van het Agentschap voor Natuur en Bos (ANB). Deze aanbevelingen zijn dezelfde als bij de bosgroep Antwerpen Noord. De Minaraad vindt ook van deze bosgroep dat hij in de toekomst meer aandacht moet besteden aan de publieke functies van het bos. Net als bij de Bosgroep Antwerpen Noord, stelt de Raad verder ook vast dat het verslag van het ANB voor verbetering vatbaar is.

De Minaraad keurde het advies unaniem goed op 17 december 2009.


Erkenning reservaat Poekebeekvallei

Het te erkennen reservaatproject “Poekebeekvallei” ligt in de gemeenten Aalter en Ruiselede. Natuurpunt Beheer vzw legt ongeveer 5 ha percelen voor ter erkenning in een visiegebied dat gevormd wordt door de vallei van de Poekebeek. De belangrijkste vegetaties in dit visiegebied bestaan uit broekbossen met voorjaarsflora en uit reliëfrijke graslanden. Het visiegebied bevat in hoofdzaak “Natuurgebied”, maar ook een deel “Landschappelijk waardevol agrarisch gebied”.

De Minaraad adviseert de Vlaamse Regering om het reservaatproject en het daaraan verbonden visiegebied te erkennen. De meeste voor erkenning voorgedragen percelen bevinden zich in “groene” bestemming maar bij een tweetal percelen rijst er twijfel, vermits ze in “Landschappelijk waardevol agrarisch gebied” kunnen gesitueerd worden. De Minaraad stelt vast dat de kans bestaat dat deze percelen – voor zover ze een agrarische bestemming zouden dragen – omwille van één deelcriterium niet erkend kunnen worden op grond van artikel 36, §2 van het Natuurdecreet. Materieel gesproken zijn er in het dossier even wel voldoende argumenten om wel tot erkenning over te gaan.

De Minaraad bestempelt de voorgenomen ingrepen en beheermaatregelen als adequaat in verhouding tot de feitelijke toestand en de gestelde doelen. Voor de Raad zijn de gevraagde afwijkingen van de verbodsbepalingen, die normaal gesproken gelden voor reservaten, geen ongewone zaken zolang de concrete afwijkingen met terughoudendheid worden toegepast. De Minaraad stelt wel vast dat er geen afwijking gevraagd wordt om ernstige wildschade te voorkomen.

Wat de samenstelling van het dossier betreft wees de Minaraad er ook hierbij op dat het benodigde pre-advies van het Agentschap voor Natuur en Bos ontbrak.

De Minaraad stelde het advies vast op 17 december 2009. Boerenbond, Landelijk Vlaanderen/Landelijke Gilden onthielden zich.


Erkenning reservaat Bels Broek en Heide

Erkende natuurreservaten zijn natuurterreinen die een beschermd statuut verkregen hebben en waarop er, op basis van een beheerplan, een gericht natuurbeheer zal toegepast worden in functie van bepaalde natuurdoelen. De terreinbeherende vereniging ontvangt hiertoe een subsidie. Op grond van het besluit van de Vlaamse regering van 27 juni 2003 tot vaststelling van de voorwaarden voor de erkenning van natuurreservaten (enz. - het zgn. reservatenbesluit), moet de Minaraad advies uitbrengen bij de concrete aanvragen tot erkenning en bij het pre-advies dat het Agentschap voor Natuur en Bos daarover geeft.

Het te erkennen reservaat “Bels Broek en Heide” ligt in de gemeenten Geel en Meerhout. Natuurpunt Beheer legt ongeveer 23 ha percelen voor ter erkenning in een visiegebied dat gevormd wordt door een deel van de Netevallei. Het visiegebied bevindt zich grotendeels in Habitatrichtlijngebied en is momenteel het voorwerp van het LIFE-project “Herstel van het laaglandbeeksysteem Grote Nete”.

De Minaraad is van oordeel dat dit reservaatproject een belangrijk project is, omdat het soorten en habitats herbergt die relevant en beschermenswaard zijn op Europees niveau. De Minaraad beveelt de Vlaamse Regering aan om de voorgelegde percelen te erkennen en om het visiegebied vast te stellen zoals voorgesteld. Niettemin wijst de Minaraad op het bestaan van een grote hoeveelheid percelen binnen het visiegebied die door de landbouw gebruikt worden en in een al of niet zuivere agrarische bestemming zullen liggen. Daarom zullen de aankoopoperaties binnen het gebied en de omvormingsoperaties, met de nodige omzichtigheid moeten gebeuren.

De Minaraad bestempelt de voorgenomen ingrepen en beheermaatregelen als adequaat in verhouding tot de feitelijke toestand en de gestelde doelen. Voor de Raad zijn de gevraagde afwijkingen van de verbodsbepalingen, die normaal gesproken gelden voor reservaten, geen ongewone zaken zolang de concrete afwijkingen met terughoudendheid worden toegepast. De Minaraad stelt wel vast dat er geen afwijking gevraagd wordt om ernstige wildschade te voorkomen.

Wat de samenstelling van het dossier betreft wees de Minaraad er ten slotte op dat het benodigde pre-advies van het Agentschap voor Natuur en Bos ontbrak.

De Minaraad stelde het advies vast op 17 december 2009. Boerenbond, Landelijk Vlaanderen/Landelijke Gilden onthielden zich.


Erkenning reservaat Middenloop Velpevallei

Het te erkennen reservaat is bijna 70 ha groot en ligt op het grondgebied van de gemeente Glabbeek en de stad Tienen. Het gehele project betreft een sterk gemeanderd gedeelte van de Velpevallei. Het is de bedoeling om (1) twee reeds erkende reservaten ‘Paddenpoel’ en ‘Rozendalbeekvallei’ samen te voegen, (2) het visiegebied uit te breiden met de deelgebieden “Klein beek” en “Moutsbron” en (3) de erkende oppervlakte uit te breiden van ongeveer 17 ha naar ongeveer 86 ha.

De Raad vindt het plausibel dat de voorgedragen percelen voldoen aan de voorwaarden van het Natuurdecreet. Zowel de voorgedragen percelen als het visiegebied zijn de resultante van een ruilverkavelingsoperatie. Hieruit leidt de Minaraad af dat het reservaat in principe nog concrete uitbreidingsmogelijkheden kan hebben binnen het visiegebied, en dat het visiegebied dus mee erkend kan worden.

De Minaraad bestempelt de voorgenomen ingrepen en beheermaatregelen als adequaat in verhouding tot de feitelijke toestand en de gestelde doelen. De Raad vindt de gevraagde afwijkingen van de verbodsbepalingen niet ongebruikelijk en kan zich daarmee verenigen zolang de concrete afwijkingen met terughoudendheid worden toegepast. De Minaraad stelt wel vast dat er geen afwijking gevraagd wordt om ernstige wildschade te voorkomen.

Wat de samenstelling van het dossier betreft wees de Minaraad ook hier erop dat het benodigde pre-advies van het Agentschap voor Natuur en Bos ontbrak.

De Minaraad stelde het advies vast op 17 december 2009. Boerenbond, Landelijk Vlaanderen/Landelijke Gilden onthielden zich.


Niet-consensusvoorstel jacht in WBE Generale Vrije Polder

Artikel 6 van het Jachtvoorwaardenbesluit voorziet de opschorting van de jacht in vogelrijke gebieden tussen 15 november en eind februari. Jacht is wel toegestaan indien de lokale actoren - in gezamenlijk overleg of afzonderlijk - maatregelen voorstellen om de verstoring van de populaties te beschermen watervogels te vermijden. Deze voorstellen moeten eerst aan de Minaraad voorgelegd worden.

Begin 2009 ontving de Minaraad al een eerste maal een niet-consensusvoorstel van de wildbeheerseenheid (WBE) Generale Vrije Polder. Toen adviseerde de Raad negatief omdat het om een niet-consensus ging en omdat de handleiding van het Agentschap voor Natuur en Bos (ANB) om de voorstellen gelijkvormig op te maken, nog niet officieel goedgekeurd was. Ondertussen is dat laatste een feit.

Op zich genomen beoordeelt de Minaraad het door de WBE opgemaakte, uitgebreide voorstel als relatief goed onderbouwd en qua inhoud plausibel. De Raad kan zich daarom in beginsel verenigen met de gedane voorstellen. De Minaraad beveelt de Vlaamse Regering aan om het ANB opdracht te gegeven om op korte termijn na te gaan welke partners de geformuleerde voorstellen nu effectief onderschrijven. Op die basis kan er dan door de minister een beslissing genomen worden.

De Minaraad keurde het advies unaniem goed op 17 december 2009.


Niet-consensusvoorstel jacht in WBE Talingbeke

Artikel 6 van het Jachtvoorwaardenbesluit voorziet de opschorting van de jacht in vogelrijke gebieden tussen 15 november en eind februari. Jacht is wel toegestaan indien de lokale actoren - in gezamenlijk overleg of afzonderlijk - maatregelen voorstellen om de verstoring van de populaties te beschermen watervogels te vermijden. Deze voorstellen moeten eerst aan de Minaraad voorgelegd worden.

De Minaraad komt tot de bevinding dat het niet-consensusvoorstel voor de jacht in het vogelrijk gebied van de WBE Talingbeke niet rijp is om een gedragen consensus te bereiken. De Minaraad beveelt de Vlaamse Regering dan ook aan om het ANB opdracht te geven om de partners terug samen te roepen.

De Minaraad adviseert ook om het INBO voorafgaand een inschatting te laten doen van wat vereist is voor “de goede staat van instandhouding van de te beschermen vogelsoorten”. Tegelijk is het nodig, ter voorbereiding van het gesprek en in het licht van de internationaalrechtelijke statuten van het gebied, om een juridische analyse door te voeren van de bewegingsmarge die men heeft ten opzichte van de Habitat- en Vogelrichtlijn.

Inhoudelijk beoordeelt de Minaraad de tegengestelde stellingnamen van de beide partijen als plausibel. Op basis van de ingebrachte elementen stelt de Raad voor om de discussie toe te spitsen op de noodzaak en wenselijkheid van jacht in dit gebied, de wenselijke omvang en de wenselijke voorwaarden van eventuele winterjachtactiviteiten in het gebied op konijn, fazanthaan en vos. Tegelijkertijd moet zo goed mogelijk getoetst worden of de voorgestelde jachtactiviteiten verenigbaar zijn met de zgn. “goede staat van instandhouding” van de te beschermen soorten.

De Minaraad keurde het advies unaniem goed op 17 december 2009.


Adviezen in wording

Actieplannen omgevingslawaai

De Vlaamse minister van Leefmilieu, Natuur en Cultuur vroeg de Minaraad op 10 november 2009 om advies over de voorontwerpen van actieplannen om omgevingslawaai van wegverkeer, spoorwegverkeer en van de luchthaven Brussels Airport te beheersen. Het betreft de omzetting van de Europese Richtlijn 2002/49/EG inzake de evaluatie en de beheersing van omgevingslawaai. De Minaraad bereidt een advies voor tegen de raadszitting van 28 januari 2010.


Milieukwaliteitsnormen voor water

In het kader van het integraal waterbeleid legde de Vlaamse Regering de milieudoelstellingen vast voor oppervlakte- en grondwater die uiterlijk tegen 22 december 2015 moeten worden bereikt. De regering formuleerde ook een voorstel voor milieukwaliteitsnormen voor waterbodems. Voor het vaststellen van die normen besloot de Vlaamse Regering op 4 december 2009 om Vlarem I en II principieel te wijzigen. Het wijzigingsbesluit wordt voor advies ingediend bij de SAR Minaraad, de SERV en de Strategische Adviesraad Landbouw en Visserij (SALV).

In afwachting van de officiële adviesvraag hebben de drie adviesraden de werkzaamheden al opgestart. Op 8 januari 2010 (voormiddag) zal een hoorzitting plaatsvinden binnen de Minaraad over dit onderwerp. Meer informatie over het programma volgt nog. SERV, SALV en Minaraad werken samen in dit dossier. Het gezamenlijke advies wordt verwacht tegen de raadszitting van 28 januari 2010.


Co-existentiemaatregelen voor genetisch gemodificeerde gewassen

Op 2 december 2009 ontving de Minaraad de adviesvraag van de Vlaamse minister-president over twee co-existentiebesluiten voor genetisch gemodificeerde gewassen (GGG). Sinds 2001 is een Europese regeling van kracht voor het op de markt brengen van genetisch gemodificeerde organismen (GGO). Deze werd dit jaar omgezet in Vlaamse regelgeving via het decreet van 3 april 2009.

Het uitgangspunt is dat landbouwers alle types gewassen moeten kunnen telen, of het nu genetisch gewijzigde zijn, dan wel conventionele of biologische. Co-existentieregels dienen om de keuzevrijheid te verzekeren en de economische schade te vermijden of te vergoeden. In het decreet worden verschillende taken naar de Vlaamse Regering doorverwezen (voorwaarden, criteria, vormvereisten enz.). De algemene machtigingen worden in het ene voorstel van uitvoeringsbesluit opgenomen en uitgewerkt. De teeltspecifieke machtigingen worden uitgewerkt in afzonderlijke uitvoeringsbesluiten, waarvan er nu als tweede besluitvoorstel ook een voorligt. De Minaraad bereidt een advies voor tegen de raadzitting van 28 januari 2010.


Consensusvoorstel jacht in WBE Damme Oostkust

Het Jachtvoorwaardenbesluit bepaalt dat jagen in vogelrijke gebieden verboden is tijdens het jachtseizoen. Dit verbod geldt zolang de wildbeheereenheden (WBE) of jachtrechthouders geen consensusvoorstel met de plaatselijke reservaatbeheerders en de lokale landbouworganisaties kunnen voorleggen om de verstoring van de populaties watervogels te vermijden. Bovendien moet dit voorstel ook nog de goedkeuring krijgen van de bevoegde minister. Een consensusvoorstel moet aanvaardbare afspraken bevatten over de concentratie van de jacht in tijd en ruimte en de intensiteit ervan. De Minaraad wordt gevraagd om de verenigbaarheid met de goede staat van de instandhouding van de te beschermen vogelsoorten te adviseren.

Op 8 december 2009 ontving de Minaraad een adviesvraag van de Vlaamse minister van Leefmilieu, Natuur en Cultuur over het consensusvoorstel voor de jacht in het vogelrijk gebied WBE Damme Oostkust. De Raad bereidt een advies voor tegen de raadszitting van 28 januari 2010.


Mededelingen

Colloquium Post-Kopenhagen

Op 9 februari 2010 (14u00-17u00) organiseert de Minaraad een colloquium over het vervolg op de onderhandelingen in Kopenhagen. Daarbij hebben al enkele notoire gastsprekers hun deelname toegezegd zoals Jos Delbeke (Europese Commissie, DG Milieu), Marc Pallemaerts (Vrije Universiteit Amsterdam), Aviel Verbuggen (Universiteit Antwerpen), Jason Anderson (WWF internationaal) en Vlaams minister Joke Schauvliege. Meer informatie over het evenement volgt nog, maar in afwachting daarvan kan u deze datum al vrijhouden in uw agenda.


Europese ontwikkelingen

Hoorzitting milieu- en energieprioriteiten Spaans EU-voorzitterschap

Vleva en Minaraad organiseerden een hoorzitting op 15 december 2009 over de milieu- en energieprioriteiten van het Spaans EU-voorzitterschap. Pieter Verbeek (Minaraad) belichtte het kader voor het EU-milieubeleid na de inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon. Marjan Decroos gaf een korte terugblik op het Zweeds EU-voorzitterschap dat eind 2009 afloopt alvorens dieper in te gaan op de milieuprioriteiten van het Spaans EU-voorzitterschap. Jan Haers volgde dezelfde aanpak maar dan toegespitst op de energieprioriteiten van het EU-voorzitterschap. De presentaties werden inmiddels toegevoegd aan het programma van de hoorzitting.


Nieuw
01 feb 2012 Nieuwsbrief:
Elektronische nieuwsbrief 2012|1
30 jan 2012 Advies:
Inhoudelijke aspecten van de eerste 8 ontwerpbesluiten van de Vlaamse Regering tot aanwijzing en vaststelling van SBZ's en de bijhorende IHD's en prioriteiten (met SALV)
26 jan 2012 Advies:
Erkenning privaat natuurreservaat E-409 "Gondebeek" te Melle, Merelbeke en Oosterzele (Oost-Vlaanderen)
24 jan 2012 Advies:
Erkenning Bosgroep Antwerpen Zuid
23 jan 2012 Advies:
Erkenning Bosgroep Zuidwest Brabant
23 jan 2012 Advies:
Uitbreiding van een erkend natuurreservaat E-016 “Tikkebroeken” te Kasterlee en Oud-Turnhout (Antwerpen)
23 jan 2012 Advies:
Uitbreiding van het erkend natuurreservaat E-216 "Hof ten Berg" te Galmaarden (Vlaams-Brabant) en Geraardsbergen (Oost-Vlaanderen)
23 jan 2012 Advies:
Uitbreiding erkend natuurreservaat E-161 "Duivenbos" te Herzele (Oost-Vlaanderen)
23 jan 2012 Advies:
Evaluatie van de werking van de Regionale Landschappen in 2010
23 jan 2012 Advies:
Instemmingsdecreet met het samenwerkingsakkoord REACH
Disclaimer © Minaraad 2012 Over deze website